De Maas

Laatst bezochten we het Nationaal Park Hoge Kempen, en ik vroeg aan de AirBnB-man of hij een geboren kempenaar was. Nee, helemaal niet, was het antwoord, hij was een Maaslander (van het dorp Stokkem, een kilometer of tien verderop), en de Maasvallei, die is ook héél mooi, zo verzekerde hij ons.
Dat klopte inderdaad. De Maas was er breed en ondiep, maar er stond toch flink wat stroming, genoeg om bij Mechelen aan de Maas te spreken van ‘de watervallen van de Maas’.

Noordwaarts wandeld zagen we op de (Belgische) linkeroever een metalen kruis. Van de vijftiende tot de negentiende eeuw was de Maas een belangrijke waterweg. Luikse kolen en Maaslandse bakstenen werden op schepen vervoerd, die door paarden tegen de stroom werden opgetrokken. Een Maaskruis stond op de plaats waar de vaargeul – en dus ook het lijnpad – van oever veranderden. Aan zulk een kruis aangekomen haakte de lijndriver het paard af en dreef het de Maas in. Maar eerst stak hij wat geld in een offerblok aan het kruis, zodat de pastoor in de mis een gebed kon opdragen aan de lijndrijvers, die de Maas, wadend en zwemmend met hun paarden, overstaken. Soms moest de pastoor ook bidden voor het zieleheil van een lijndrijver die bij deze oversteek wel eens het leven liet.
Aan het einde van de negentiende eeuw ging de Maasvaart helemaal ten onder.

EENS: 29 maart – 1 april 2021
ERGENS: Limburg

Plaats een reactie