Ozymandias – Rome, 2014

Denkend aan de Boulevard des Américains aan de Gazaanse Rivièra, komt dit beeld mij voor de geest: “My name is Ozymandias, King of Kings: Look on my works, ye Mighty, and despair!”

In 1818 ging P. B. Shelley een competitie aan met zijn vriend en mededichter Horace Smith. Ze zouden elk een gedicht schrijven over farao Ramses II. Rond die tijd was een deel van een kolossaal beeld van de Egyptische heerser naar Londen gebracht. Mocht Shelley vandaag leven, hij had een aanklacht kunnen maken tegen kolonialisme of tegen kunstroof, maar hij kwam met iets anders op de proppen: een sonnet dat wijst op de vergankelijkheid van aardse macht.

Ozymandias

I met a traveller from an antique land
Who said: Two vast and trunkless legs of stone
Stand in the desart. Near them, on the sand,
Half sunk, a shattered visage lies, whose frown,

And wrinkled lip, and sneer of cold command,
Tell that its sculptor well those passions read
Which yet survive, stamped on these lifeless things,
The hand that mocked them and the heart that fed:

And on the pedestal these words appear:
“My name is Ozymandias, King of Kings:
Look on my works, ye Mighty, and despair!”

No thing beside remains. Round the decay
Of that colossal wreck, boundless and bare
The lone and level sands stretch far away.

Ik heb geen foto van Ramses II. Ik heb er wel één van Nerva en één van de eerste Romeinse keizer, Augustus. We stonden de beelden van de Romeinse keizers te bekijken op de Via dei Fiori Imperiali in Rome, en ik vroeg mijn kinderen waarom Caesar niet beschouwd kon worden als de eerste keizer. Het antwoord was simpel: omdat Augustus de eerste keizer was. Er kan maar één de eerste zijn. (Waarom ik Nerva, de twaalfde keizer, fotografeerde is mij een raadsel; misschien dacht ik dat het Caesar was.) Later zagen we nog standbeelden van Romeinse keizers in de Provence, meerbepaald in het theater van Orange. Daar hoorde ik dat de Romeinen een pragmatische kijk hadden op roem en glorie. Beelhouwateliers maakten in grote reeksen beeldhouwwerken van mensen in een keizerachtige pose en klederdracht, maar zonder hoofd, en verscheepten die naar alle hoeken van het keizerrijk. Daar werd er dan een bijpassend hoofd op gezet, dat snel kon verwisseld worden als een keizer uit de genade was gevallen, de geest had gegeven of vermoord werd.

Eens: 14 april 2014
Ergens: Rome, Via dei Fori Imperiali

Nondedju (Oostakker-Lourdes)

December 2024, kort voor Kerstmis. Het was erg koud, maar de zon was net opgekomen en verlichtte de grot van Oostakker-Lourdes. Op weg hiernaartoe sprak een man in een soutane me aan. Hij vertelde van het wonder dat hier honderdvijftig jaar geleden geschiedde: acht jaar nadat Pieter De Rudder van Jabbeke het linker scheen- en kuitbeen had gebroken, ging hij al strompelend op bedevaart naar Oostakker-Lourdes. Hij zakte neer op een van de banken naast het beeld van de biddende Bernadette Soubirous, het jonge meisje dat in 1854 de mysterieuze woorden hoorde zeggen in de echte grot van Lourdes: Je suis l’Immaculée Conception (*). Pieter riep de heilige maagd aan en was terstond genezen.

Toen – in op 20 december 2024 welteverstaan – kwamen twee vrouwen aangefietst, één van hen – de jongere – kwam water tappen, maar helaas; er kwam geen water uit het kraantje. Waar er in het echte Lourdes een bron ontspringt, komt het heilig water hier gewoon uit de openbare waterleiding. Onbegrip – hoezo, geen water? Misschien was deze vrouw wel extra vroeg opgestaan om hier water te komen tappen. Ik opperde dat men misschien de watertoevoer had dichtgedraaid omdat het vroor en omdat men de kranen niet wou laten stukvriezen. Ontgoocheling, en dan een duidelijk ‘nondedju’, en weg fietsten zij. Zonder water. Wisten zij wat in Exodus staat geschreven: ‘Gij zult den Naam des Heeren uws Gods niet ijdellijk gebruiken; want de Heere zal niet onschuldig houden, die Zijn Naam ijdellijk gebruikt’?

Mochten ze jonger geweest zijn, ze hadden misschien OMG geroepen, of jasses of iets anders dat de harde woorden wat omfloerst, maar ik zou toch denken dat zulks nog altijd valt onder ‘ijdel gebruik’.

* Ik kende een gelovige die ervan overuigd was dat een eenvoudig meisje als Bernadette de woorden ‘immaculée conception’ niet kon gekend hebben. Dus sprak ze de waarheid: Maria was aan haar verschenen, met een voor haar onbegrijpelijke boodschap.

Eens: 20 december 2024
Ergens: Oostakker-Lourdes